Verlicht eigenbelang, ook van deze tijd?!
Ben Knapen opende de Afrikadag 2011 met een speech vol lof over ‘verlicht eigenbelang’. In lijn met het WRR rapport (2010) kent Knapen een centrale rol toe aan het bedrijfsleven voor ontwikkeling. Immers, zo zegt Knapen, is economische groei “een cruciale voorwaarde voor een succesvolle aanpak van armoede”, en zijn het bedrijven die banen bieden en belastinginkomsten opleveren.

Verlicht eigenbelang, ook van deze tijd?
Daarom vindt Knapen het prima als bedrijven profiteren van hun investeringen in de ontwikkeling van arme landen, maar dan wel met “de toevoeging over het belang van maatschappelijk verantwoord ondernemen”. Het ‘verlicht eigenbelang’ verwijst hier naar vormen van ontwikkelingssamenwerking waarin eigenbelang (zoals winst of invloed) en het algemeen belang (zoals schoon drinkwater, voedselzekerheid en veiligheid) samengaan.
Volgens Knapen vervullen bedrijven – meer dan overheden – een voortrekkersrol om antwoord te geven op de grote problemen van deze tijd. De uitdaging ligt er om armoede en klimaatveranderingen te beperken en daarmee nieuwe hongersnoden en grote migratiestromen te voorkomen. Samenwerking tussen bedrijven, overheden, burgers en ngo’s is noodzakelijk om deze uitdaging aan te gaan. Door de grote investeringen die bedrijven doen in duurzame ontwikkelingen, laten bedrijven zien dat zij naast ‘eigen’ belangen ook ‘algemene’ belangen belangrijk vinden. Bedrijven zijn kundig in het introduceren van nieuwe technologie aan grote groepen mensen. Gezien de omvang van de genoemde wereldproblemen, zijn de nieuwe technische ontwikkelingen en grote geldstromen van het bedrijfsleven hoopgevend en noodzakelijk.
Maar de druk die het bedrijfsleven opgelegd wordt is gigantisch. Hoe realistisch is het om daadwerkelijk ‘verlicht eigenbelang’ van bedrijven te verwachten? Het is nog maar de vraag of het bedrijfsleven daadwerkelijk antwoord zal bieden op de problemen van deze tijd. Primair bloeien bedrijven bij winst, verkrijgbaar door minimalisering van kosten en maximalisering van opbrengsten, door bijvoorbeeld lage lonen en maximale productie. En dat leidt al snel, grof gezegd, tot ‘zoveel mogelijk nemen en zo min mogelijk teruggeven’.
De Nederlandse overheid, gekozen door Nederlandse burgers, laat zelf zien dat haar ‘verlichte’ denken onder eigen belangen erodeert. Na de Tweede Wereldoorlog stonden de westerse landen aan de wieg van de oprichting van de VN en internationale verdragen. Zo ratificeerde Nederland in 1948 het Internationaal Verdrag betreffende de Status van Vluchtelingen (Conventie van Genève) waarin wordt bepaald dat mensen in levensgevaar vanwege hun etniciteit, godsdienst, nationaliteit, sociale groep of politieke overtuiging, recht hebben op asiel.
Maar ruim 60 jaar later worden mensen aan de grens van Europa geweigerd uit angst om de eigen rijkdom met te veel mensen te moeten delen. Vluchtende Libiërs worden in gammele bootjes terug de zee op gestuurd, en afgedaan als ‘een probleem van Italië’, terwijl zij in levensgevaar verkeren. In Nederland wordt de situatie voor ‘uitgeprocedeerde’ mensen – ook als zij niet uitgezet kunnen worden – uitzichtloos gemaakt in de hoop dat deze mensen zelf vertrekken.
Als overheden al niet ‘verlicht’ handelen, die democratisch zijn gekozen en als doel hebben de belangen van al haar burgers te dienen, waarom dan verwachten dat bedrijven – die het primaire doel van maximale winst hebben – dat wel zullen doen?
Uiteindelijk moet de situatie worden voorkomen waarin enkel de top van het internationale bedrijfsleven bepaalt, wie nog toegang heeft tot schoon drinkwater, voedsel of veilig grondgebied. Hoewel bedrijven investeren in verduurzaming van deze ‘mondiale publieke goederen’, hebben zij niet het laatste woord over de toegang hiertoe. Het is noodzakelijk dat de VN, gesteund door overheden, er voor waken dat ieder mens het recht op drinkwater, voedsel of veilig grondgebied behoud. Enkel door het begrenzen van eigenbelang heeft ‘verlicht eigenbelang’ kans. Daarmee is een goede machtsverhouding tussen de VN, bedrijven, overheden en burgers één van de grootste uitdaging van deze tijd.